Advies LVLB ten aanzien van brief MKB-Nederland

29-04-2021

Brief MKB-Nederland
Er is een brief naar vrijwel elke gemeente en elk waterschap verzonden door MKB-Nederland. Er wordt voor een aantal specifieke ondernemersgroepen gevraagd om:

  1. de termijn van uitstel van terugbetaling lokale belastingen en heffingen aan te laten sluiten bij het Rijk en zeker niet korter dan vijf jaar te maken;
  2. de hele periode geen rente te berekenen over de uitstaande belastingschuld;
  3. de lasten voor het lokale bedrijfsleven niet te verzwaren in de begroting 2022.

Eerder advies LVLB
In een eerder advies over het effect van Corona op de WOZ-waarden, heeft de LVLB al aangegeven dat één van de mogelijkheden om ondernemers die sterk getroffen zijn door specifieke Corona-maatregelen tegemoet te komen, ligt in het bieden van uitstel en van betalingsregelingen.

Maatwerk
MKB-Nederland vraagt om een mogelijkheid om tot een generiek uitstel van terugbetaling te komen van tenminste vijf jaren. De LVLB is geen voorstander van een generieke regeling. Het overgrote deel van de ondernemers heeft geen of maar heel beperkt last van Corona. Daarnaast maakt de Invorderingswet 1991 het voor iedereen mogelijk uitstel of een betalingsregeling aan te vragen. Hiervoor geldt een maximale afbetalingstermijn van twaalf maanden. Lokale overheden leveren in tegenstelling tot het Rijk vaak maatwerk. De LVLB is dan ook voorstander van maatwerk. Als een ondernemer ernstig door de Coronamaatregelen getroffen is en blijkt dat een afbetaling in twaalf maanden onvoldoende soelaas biedt (bijvoorbeeld door stapeling van belastingaanslagen, huurpenningen en facturen), dan kan de termijn opgerekt worden. Het oprekken van de betalingstermijn valt onder de bevoegdheid van de heffings- en invorderingsambtenaar.

Risico’s voor gemeenten en waterschappen
Gezien de lage rente bij de bank kost een dergelijk oprekking geen geld. Het brengt echter wel een risico met zich mee. De kans dat een onderneming in zwaar weer in vijf jaar failliet gaat, is immers groter dan de kans dat dit gebeurt in een termijn van één jaar. Lagere overheden zijn bij surseance en faillissement, in tegenstelling tot de Rijksbelastingdienst, een concurrente crediteur en lopen derhalve een groter risico op niet-betaling dan het Rijk.

Omdat het om specifieke sectoren zal gaan (horeca, winkels, sportinstellingen incl. sportscholen, culturele instellingen incl. bioscopen), is het totale risico op de totale OZB-opbrengst voor niet-woningen beperkt. De LVLB adviseert dan ook om op basis van maatwerk daar waar het echt nodig is de betalingstermijn op te rekken tot maximaal drie jaar.

Rentepercentage
In principe kunnen de gemeente en het Waterschap besluiten het rentepercentage vast te stellen op 0% (artikel 29 Iw1990 en 231 lid 3 Gemeentewet). Feit is echter dat veel gebruikte informatiesystemen niet met 0% rente kunnen werken. Op dit moment werken zowel de Rijksbelastingdienst als veel lagere overheden met 0,01%. De rente is dan niet 0% maar wel verwaarloosbaar. Daarom is in de model-uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen van de VNG het rentepercentage bedoeld in artikel 29 van de Invorderingswet 1990 van overeenkomstige toepassing verklaard (https://vng.nl/sites/default/files/2020-07/20200701_bijlage3_wijzigingsbesluit-ur-gembel.docx). Tot en met 31 december 2021 is dat percentage 0,01%. De LVLB adviseert dit percentage te hanteren. Mocht de invorderingsrente de komende jaren toch weer naar boven worden bijgesteld, dan kan het rentepercentage onderdeel van het maatwerk in individuele gevallen gemaakt worden.

Goede communicatie richting ondernemers
De LVLB adviseert het vaststellen van de lasten voor het lokale bedrijfsleven volledig over te laten aan de besturen van de gemeenten en waterschappen. De LVLB is van mening dat het van groot belang is dat de leden die ondernemers tegemoet willen komen, zorgen dat door een goede communicatie op diverse fronten de ondernemers goed op de hoogte zijn van wat wel en niet mogelijk is. Het is aan individuele gemeenten en waterschappen om dit goed te regelen. Het is echter ook een verantwoordelijkheid van de ondernemers om tijdig in contact te treden met de belastingorganisaties als zij problemen ondervinden. Zo kan er samen gezocht worden naar een goede oplossing.

Bestuur LVLB

Brief MKB-Nederland

Er is een brief naar vrijwel elke gemeente en elk waterschap verzonden door MKB-Nederland. Er wordt voor een aantal specifieke ondernemersgroepen gevraagd om:

  1. de termijn van uitstel van terugbetaling lokale belastingen en heffingen aan te laten sluiten bij het Rijk en zeker niet korter dan vijf jaar te maken;
  2. de hele periode geen rente te berekenen over de uitstaande belastingschuld;
  3. de lasten voor het lokale bedrijfsleven niet te verzwaren in de begroting 2022.

Eerder advies LVLB

In een eerder advies over het effect van Corona op de WOZ-waarden, heeft de LVLB al aangegeven dat één van de mogelijkheden om ondernemers die sterk getroffen zijn door specifieke Corona-maatregelen tegemoet te komen, ligt in het bieden van uitstel en van betalingsregelingen.

Maatwerk

MKB-Nederland vraagt om een mogelijkheid om tot een generiek uitstel van terugbetaling te komen van tenminste vijf jaren. De LVLB is geen voorstander van een generieke regeling. Het overgrote deel van de ondernemers heeft geen of maar heel beperkt last van Corona. Daarnaast maakt de Invorderingswet 1991 het voor iedereen mogelijk uitstel of een betalingsregeling aan te vragen. Hiervoor geldt een maximale afbetalingstermijn van twaalf maanden. Lokale overheden leveren in tegenstelling tot het Rijk vaak maatwerk. De LVLB is dan ook voorstander van maatwerk. Als een ondernemer ernstig door de Coronamaatregelen getroffen is en blijkt dat een afbetaling in twaalf maanden onvoldoende soelaas biedt (bijvoorbeeld door stapeling van belastingaanslagen, huurpenningen en facturen), dan kan de termijn opgerekt worden. Het oprekken van de betalingstermijn valt onder de bevoegdheid van de heffings- en invorderingsambtenaar.

Risico’s voor gemeenten en waterschappen

Gezien de lage rente bij de bank kost een dergelijk oprekking geen geld. Het brengt echter wel een risico met zich mee. De kans dat een onderneming in zwaar weer in vijf jaar failliet gaat, is immers groter dan de kans dat dit gebeurt in een termijn van één jaar. Lagere overheden zijn bij surseance en faillissement, in tegenstelling tot de Rijksbelastingdienst, een concurrente crediteur en lopen derhalve een groter risico op niet-betaling dan het Rijk.

Omdat het om specifieke sectoren zal gaan (horeca, winkels, sportinstellingen incl. sportscholen, culturele instellingen incl. bioscopen), is het totale risico op de totale OZB-opbrengst voor niet-woningen beperkt. De LVLB adviseert dan ook om op basis van maatwerk daar waar het echt nodig is de betalingstermijn op te rekken tot maximaal drie jaar.

Rentepercentage

In principe kunnen de gemeente en het Waterschap besluiten het rentepercentage vast te stellen op 0% (artikel 29 Iw1990 en 231 lid 3 Gemeentewet). Feit is echter dat veel gebruikte informatiesystemen niet met 0% rente kunnen werken. Op dit moment werken zowel de Rijksbelastingdienst als veel lagere overheden met 0,01%. De rente is dan niet 0% maar wel verwaarloosbaar. Daarom is in de model-uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen van de VNG het rentepercentage bedoeld in artikel 29 van de Invorderingswet 1990 van overeenkomstige toepassing verklaard (https://vng.nl/sites/default/files/2020-07/20200701_bijlage3_wijzigingsbesluit-ur-gembel.docx). Tot en met 31 december 2021 is dat percentage 0,01%. De LVLB adviseert dit percentage te hanteren. Mocht de invorderingsrente de komende jaren toch weer naar boven worden bijgesteld, dan kan het rentepercentage onderdeel van het maatwerk in individuele gevallen gemaakt worden.

Goede communicatie richting ondernemers

De LVLB adviseert het vaststellen van de lasten voor het lokale bedrijfsleven volledig over te laten aan de besturen van de gemeenten en waterschappen. De LVLB is van mening dat het van groot belang is dat de leden die ondernemers tegemoet willen komen, zorgen dat door een goede communicatie op diverse fronten de ondernemers goed op de hoogte zijn van wat wel en niet mogelijk is. Het is aan individuele gemeenten en waterschappen om dit goed te regelen. Het is echter ook een verantwoordelijkheid van de ondernemers om tijdig in contact te treden met de belastingorganisaties als zij problemen ondervinden. Zo kan er samen gezocht worden naar een goede oplossing.

Deel dit bericht via

Initiatieven van de LVLB

Het nieuwe waarderen

Onder regie van de LVLB wordt het project 'secundaire objectkenmerken' uitgevoerd door projectleider Grard van der Zanden. Wil je de infographic zien? Klik dan op onderstaande knop 'ga naar website'! Heb je naar aanleiding van de infographic nog steeds vragen over het project, dan kan je Grard zelf benaderen. Zijn contactgegevens staan in de infographic.

Ga naar website

LangeTermijnAgenda Belastingen

Voor de belastingsector van gemeenten en waterschappen biedt deze agenda een overzicht van de thema's, ontwikkelingen en initiatieven die op ons afkomen. Dit helpt ons om de komende vijf jaar te plannen en om in gesprek te zijn met onze partners binnen en buiten de overheid.

Ga naar website

LVLB WOZ Registratie

Deskundigen werkzaam in de WOZ die één of meerdere certificaten of diploma's hebben behaald kunnen zich registreren in dit LVLB WOZ register.

Ga naar website

Educatieplatform

Iedere belastingorganisatie werkt aan het bouwen en behouden van een sterk team, dat beschikt over voldoende kennis, kunde en vaardigheden om de inwoner of de ondernemer zo goed mogelijk te bedienen. De LVLB heeft de door haar partners verzorgde cursussen en opleidingen bij elkaar gebracht om zo de leden te ondersteunen in het vinden van de juiste cursus of opleiding.

Ga naar website